Verlangen naar een schaamteloze lozing. De engelachtige exaltatie dwaalt door de opengebroken straten. Het oordeel te kwetsbaar voor de verwaarloosde kudde in haar overspannen slaap. Achter de scherpe muren van de toren is haar ziel gevangen, gedwongen om te dansen in het laveloze neonlicht, de glinsteringen van het stof verbannen uit het licht. Langzaam verschuiven de dingen richting de tempel van de roos, het geheugen van de regenboog op weg naar bewustzijn, de mystieke tuin van het immanente hart, de scherven bijeengeraapt. (een plek bij het raam) Het raadselachtige kind tikt in kleine eenheden tegen de wanden van kamer, voor jouw tien anderen. Consumeren, vaste lasten de tempel brandt op. Geen Hollander te vinden, hoogvliegers op iedere hoek de cijfers afgekeken. De Afrikaanse Zon schreeuwt tussen de oren, slangenbeet.., slangenbeet…. de hielen lichter. De boer gedwongen het land te misbruiken en uit te wringen, plat te spuiten, ze stierf omdat je te druk bezig was met het afbetalen van een kantoorcomplex. Door een zwart gat aan de binnenkant in de scheuren van het systeem, het masker, de fluisteringen zuchten door het vervreemde ritme heen. (inflatie van de mystieke constructie)
Vertrouwen stamelt door de aderen, adem in, adem uit. Tijd en ruimte gemaakt uit liefde. (de wijzen kwamen al vele eeuwen geen grenzen tegen)
Hoogopgeleide domheid
Ongeïnteresseerde elementen gemanipuleerd en lekker gemaakt om te stemmen. (zachte plekken rotten in de uitgerangeerde wijken) Achter de schermen worden de belangen overgelaten aan het ongekozen blauwe bloed van de verwilderde omgekochte democratie.
Sluitingstijd
Ze stierf met glorieuze fluisteringen uit de oudheid op haar lippen, de vrijheid is nooit ver weg. (de boel wordt afgebroken, kille wind van boven) De bovenmeester snuift de witte letters van het volgeschreven bord.
Allemaal willen ze die macho liefdes jongentjes van de straat zijn, de gesluierde schonen wetteloos penetreren zoals in de bewustzijnsverruimende tijd van weleer. De grote schijn hol land in een notendop democratisch venijn hoop zit in een elektronisch doosje met een driekleurig doekje voor het bloeden er boven op, te veel kaas splinters in een veel te grote kop.
Verdwaald in het land van de vandalen vinken touw met ogen spirituele verdoezeling met woorden een hoop ingestudeerde zinnen uit de grote meester akkoorden ver weg gezakt in rookgordijnen de psychedelische ego-lutie en de Multi- baronnen spinnen garen op de extatische beat van de zwarte sjamanen het moederkruid misbruikt en gratis af te halen bij inlevering van een abstracte tekening van een rug soldaatjes van de culturele oranje kamer op de thee bij verdroogde schelpdieren rommelend met een veel te jonge dame.
Groen het nieuwe offensief van dezelfde orde. Heb je de bonnetjes al uitgeknipt?