de grote Hans Worst viel stamelend op zijn knieën, de relatieve rust hijgde langs de veren van haar vermoeide rug.
De indrukken werden ongezien in de krakende laden van het systeem bijgezet, langs de alomvattende stilte zoemde de zwarte machines oorverdovend.
Het stof werd ingekapseld, digitaal geplastificeerd en in een energieverslindend netwerk van gortdroge klimaatbeheersing geplaatst ter documentatie van het ijskoude vernuft. ( met iedere stap in overgave laat ik een moskee verrijzen.)
Uit de geslachte wanden in de mijnen van Kongo komen volgevreten slangen van glasvezel gekropen, de elektromagnetische adem verdikt zich tot de filosofische stroop der demonen.
De oververhitte celstructuur baant zich een weg door het verscheurde rauwe vlees.
Onderdrukte verhoudingen gewurgd vanaf de conceptie.
langs de kant van het pad wordt fluoriderende soep uitgeschonken aan de armlastige onaanraakbare, het karige brood in dunne delen gesneden, de vis is gebroken en niet meer in de staat zich te vermenigvuldigen.
De vrijheid van meningsuiting stuitert in polariserende aandachttrekkerij in het grijze slijm van het klootjesvolk, de burgerij verloren in monetaire angsten, de marktkramen verlangen de eeuwige groei.
(het hoofd wil macht over leven en dood, het hart heeft de ongebroken ziel van de stille ademhaling).
Mijn voeten raken de aarde, grenzeloos in het alomvattende moment, op de plek daar waar ik nu ben.
De ruimte en de tijd bestolen door een ongebreidelde drang tot bezitten.
De lichten branden met tegenzin in de versleten stegen, haar handen druppelen langzaam na de nagels roesten.
De aarde breekt in zachte delen met haar warme tong likt ze de sporen open, de randen verschijnen breekbaar in het groene vuur van de achtergelaten nacht.
De scherpe neuronen trillen de harde schedelwand
aan verwarde wilde stukken en razen tegen het stof van de koude muren, ze verdwalen in het chaotische gruis van de gesloten grijze voegen.